ZENUWPIJN.

10. Originele dagboekfragmenten

Foto door Nitin Arya via Pexels

1 januari 2014 

Ik weet nog dat ik taxi reed. Ergens tussen 2001 en 2003. Allerlei soorten mensen bracht ik weg van A naar B of welke willekeurige letter dan ook. Nooit vergeet ik de dag dat er een dame instapte die eigenlijk maar een klein eindje verder moest. Een ritje van nog geen vijf minuten. Het was niet een dame als in ‘chique’ maar een vrouw met een geleefde uitdrukking. Ze was niet mooi of knap maar ook niet lelijk. Onopvallend eigenlijk, van ongeveer de leeftijd die ik nu heb bereikt. In mijn herinnering droeg ze een zonnebril. Misschien ook niet. Mijn twee parallel lopende werelden bedriegen de werkelijkheid nog wel eens.

Het was als een omgekeerde déjà vu, wanneer mijn blik zich op haar richtte was daar slechts een spiegel. Ik weet nog dat ik dat heel sterk voelde en instinctief wist dat deze korte ontmoeting niet zomaar was. Ze woonde in een soort van serviceflat. Iets wat ik heel vreemd vond voor haar leeftijd maar ik zat in de fase waarin ik leerde geen vragen te stellen. “Ik heb een zwaar leven gehad”, was het enige dat ze me vertelde op mijn niet gestelde vraag. Ik weet nog dat ik haar aankeek en dacht: “Vrouwke (ik woonde toen in Brabant), vrouwke, ge hebt werkelijk geen idee.”

En dat was ongeveer 10, 11 of 12 jaar geleden. Als ik toen al dacht dat ook ik een zwaar leven had gehad was het op dat moment maar goed dat ik niet in de komende 10,11 of 12 jaar vooruit kon kijken. Anders had ik toen ter plekke de taxi tegen een boom aangeduwd. Onwillekeurig denk ik aan haar terug. Soms zijn dit soort ontmoetingen duizendmaal intenser dan de langste vriendschappen. Ik voel me nu precies zo, alsof ze me toen iets heeft laten zien, een soort geest van de toekomst.

Des te gehavender mijn lijf, hoe sterker mijn geest wordt. Ik vraag me af of mijn leven zwaar is geweest. Tegenover elke traan staat toch ook een glimlach (minstens). Ik heb ooit gehoord dat God je niets geeft wat je niet aankan. En wie ben ik om God tegen te spreken. Ik zou best wel eens een onderonsje willen met Hem hoor, daar niet van, alleen dan wel onder vier ogen! Face to face. Aangezien dat onderonsje wat lastig is maak ik zelf de balans op. 2014. Ik voel me onzeker over dit jaar. Ondertussen gaat hier de zon onder en is de eerste dag van het nieuwe jaar alweer bijna donker. Omgekeerde déja vu.

24 oktober 2013

Mijn verleden staat voor me en kijkt me recht aan. Ik voel een enorme allesoverheersende angst. Stoer kijk ik terug want ik zal niet buigen. Niet deze keer en alle volgende keren ook niet. Ik voel me beschermd en tegelijkertijd volledig alleen. Ik voel dat ik dit alleen moet doen. Dit is mijn gevecht. Ik heb verleden zelf toegelaten en ‘verleden’ zal zijn plek gaan kennen. Als een zieke agressieve pup gaan we samen op levenscursus.

15 november 2013

Vanaf de dag dat ik ben neergeklapt komt er niks meer uit. Mijn lijf neemt het over en ik voel me leeg. Er is niks. Letterlijk. Ergens is dit mijn langgewenste rust. Alleen deze rust had ik niet voor ogen. Niemand heeft het in de gaten maar ik voel het vanbinnen. Het is stil. Te stil. Is dit stilte voor de storm?

Ik krijg mijzelf bijna nergens naar toe gesleept. Alles voelt als te veel moeite. En ik weet niet wat ik eraan moet doen? Ik voel dat de energie ergens zit opgeslagen maar ik kom er steeds moeilijker bij. Soms heb ik even een momentje maar dat moet ik daarna bekopen met een paar uur (als ik geluk heb) of een paar dagen bijkomen. Wat zit er in godsnaam in mijn lijf dat mij zo uitschakelt? Wat?

Is dit energetisch? Fysiek? Hoe moet ik het zien? Maar vooral, wanneer komt de oplossing? Ik voel me een kluizenaar. Het wordt met de week gekker. Het is alsof ik opgesloten raak in mijn eigen lijf. De powerknop is lam. Het wordt echt tijd om aan de alarmbel te gaan trekken want ik vind het zelf eng worden. Ik herken mijzelf ook niet als ik in de spiegel kijk. Vreselijk.

Mensen zeggen: “Wat zit jij altijd veel op Facebook?” Dan is mijn antwoord: “Dat is mijn enige lijntje met de buitenwereld.”

Er is verder niks. Of in ieder geval heel weinig. Uiteraard heb ik sociale contacten maar tegenwoordig sturen mensen liever een whatsappje dan gewoon even een bakkie thee doen (of koffie) of nog gekker; bellen! Stel je voor dat je elkaar belt.

Of de mensen die je graag van advies willen voorzien: Ga eens naar een acupuncturist, ga anders eten, stop met roken, ga naar een masseur, ga naar een psycholoog, zoek het hier en daar ….of……”ik ken ook iemand die”…..of de ergste….ga eens googelen naar je klachten!

Het is lief bedoeld maar echte hulp is deze: Bied me een taxi aan als ik ergens heen moet wat ik zelf niet red, kom een keer boodschappen brengen zodat ik niet met pijn in mijn lijf naar buiten hoef, praat met me, praat ook met me over andere dingen, humor is altijd een grote genezer, denk met me mee hoe ik dingen kan aanpakken, ga misschien eens mee naar een arts zodat twee meer horen dan 1, of kom gewoon eens een bakkie doen (hoeft echt geen uuuuuren te zijn hoor) of stuur eens een persoonlijk berichtje i.p.v. de whatsappjes die je stuurt terwijl je het eigenlijk alleen maar over jezelf wilt hebben want die Jansen luistert altijd en daar kan ik zo fijn mee kletsen.

Nu is het andersom. En ja, zieke mensen zijn gruwelijk irritant want je zal maar keer op keer hetzelfde verhaal moeten horen. Het is geen aandacht zoeken, ik heb geen energie om een statement te maken zoals ik dat voorheen deed (met liefde en plezier), ik neem mijn omgeving ook niks kwalijk want het is mijn probleem en hee, als jij ooit chronisch ziek wordt weet ik ook niet wat ik moet doen of hoe te reageren dus als het andersom is doe ik wellicht hetzelfde. Dan weet je dat vast.

11 december 2013

Wat ik tot nu toe uit kon stellen moest nu gebeuren. Medicatie. Heel langzaam veranderd mijn leven in iets ondefinieerbaars en ik heb er geen grip op. Per week nemen de klachten en de pijn toe en kan ik elke keer steeds iets minder.

Ik voel me vreselijk alleen staan in mijn strijd. De strijd bij de huisarts, de praktijkondersteuner en de strijd bij de neurologen, internisten enzovoorts. Ik weet niet meer wat ik moet doen, wat ik moet laten. Mentaal bruis ik van de energie, heb ik ideeën, zit ik heerlijk in mijn vel maar nergens komt er iets van terecht. Waar voorheen de pijn en moeheid dat deed maakt nu de medicatie me duf en suf. Hoe kan ik nu in vredesnaam mijn huisarts overtuigen en de medisch specialisten de ogen openen?

11 december 2013 

Mijn opgebouwde medisch dossier vanaf 15 juli 2013:

Heel soms hoor je verhalen van (aanstaande) moeders die instinctief aanvoelen dat er iets niet goed is met hun kind. Precies dat instinctieve gevoel heb ik ook maar dan met mijn lijf. Er is ook niemand die mij van die gedachte en dat gevoel af kan brengen. Hoe frustrerend is het dat niemand mij geloofd? Heel frustrerend. Ik heb het gevoel dat ik er alles aan gedaan heb inmiddels maar schijnbaar is het niet genoeg. Goed bedoelde adviezen van anderen kan ik niet meer hebben (dat ik op mijn voeding moet letten, moet gaan lopen, naar de acupuncturist, naar de haptonoom, naar die of die, moet gaan googelen). Ik heb het allemaal gedaan, allemaal gehad: de fysiotherapeut, de osteopaat, de haptonoom, revalidatietrajecten, operaties, natuurgeneeskundigen, psychologen, dieetgoeroe’s, google en niks helpt.

Wie is er in staat om in mij te geloven en aan te nemen dat er “iets” in mijn lijf zit dat niet goed is en mij per week achteruit laat gaan en laat creperen van de pijn. Wie? Wil diegene zich alsjeblieft melden en mij helpen? Wil je met mij ‘sparren’ om een plan te maken, mee naar de huisarts, praktijkondersteuner, neurologen, internisten en welke dokter nog meer. Wie?

En dan dit…elke keer dat je mij ziet zeggen dat ik er slecht uitzie, weer ben afgevallen (waar ik GVD niks aan kan doen!), meer naar buiten moet helpt niet. Ik hoor het ongeveer om de dag een paar keer en ik kan je vertellen dat dat voor mijn zelfbeeld niet prettig is. Ik zie het zelf namelijk ook en dat is voldoende.

Ik haat de twijfel die is gezaaid over de oorzaak. Natuurlijk weet ik dat ik een heftig leven heb gehad. Ik wil er niet aan denken maar ik word nu toch gedwongen om erover na te denken. Kan deze pijn echt komen door mijn leven? Dat is toch onmogelijk?