NEERVALLEN, ZENUWPIJN.

14. Nog 1 keer

Foto door Isabela Catão via Pexels

Na stevige discussies met de huisarts en de praktijkondersteuner, de onderzoeken bij de internist, het eerdere oordeel van de neuroloog, en de bevindingen van de Sint Maartenskliniek klopt er iets niet. Waar het gevoel vandaan komt weet ik niet maar het is sterker dan alles. Alsof een onzichtbare kracht mij dwingt om verder te zoeken. Het gaat buiten me om. Mijn innerlijke stem is sterk en ik kan maar één ding doen en dat is ernaar luisteren. Er zijn dagen dat ik het op wil geven, wil gaan geloven dat het inderdaad psychisch is, me over wil geven aan het oordeel van al die de artsen maar wanneer ik zulke momenten heb gaan gelijk alle alarmbellen af en hoor ik die stem die zegt: ‘Je weet dat ze geen gelijk hebben, ga door, geef niet op, je bent sterk, niet opgeven. Luister naar jezelf. De rest komt later wel.’ Soms denk ik dat ik gek aan het worden ben.

De tijd lijkt in slow motion te verstrijken. Elke dag tikken de minuten weg als uren. Ik kan alleen maar wachten. Wachten op afspraken, uitslagen, rusten, nadenken voor zover dat lukt, vragen beantwoorden waar ik geen antwoord op heb. Niemand hoort mijn vragen. De buitenwereld gaat verder en ik sta stil. Het voelt alsof ik in een stilstaande trein zit waarbij de tegenoverliggende trein zich in beweging zet en je een soort van gezichtsbedrog krijgt, dan lijkt het alsof jouw trein vertrekt zet maar het tegenovergestelde is waar. Ik zit in die stilstaande trein en ik kijk naar de tegenoverliggende trein. Alles houdt me voor de gek. Ik kan nergens meer op vertrouwen. Behalve mijn intuïtie.

Ik ben een half jaar thuis, ren van arts naar arts, figuurlijk want ik kan ongeveer 500 meter lopen en wanneer ik dan thuiskom laat ik me doorgaans in de gang vallen van de pijn. Eenzaamheid grijpt om me heen. Ik voel me intens alleen daar liggend op de grond.

Ik ben nooit iemand geweest die het prettig vindt om veel visite over de vloer te hebben. Ik hou van sociale contacten maar het liefst buiten de deur. Daar word ik nu mee geconfronteerd. Ik word me bewust van mijn keuze om alleen te wonen, zonder relatie. Ik begin me af te vragen wie me zal missen als ik er niet meer ben.

De dagen breng ik veelal liggend door. Mijn wereld krimpt in rap tempo. Het voelt alsof iemand een elastiekje vast heeft gebonden en het steeds een slag verder aantrekt. Ik stik bijna in mijn eigen wereld. Regelmatig heb ik intense huilbuien waarbij ik mij als een foetus opkrul. Mijzelf niet bewust zijnde van tijd en ruimte schreeuw ik met een handdoek in mijn mond om de buren niet te alarmeren. Ik gil het uit. Van pijn. Mentale pijn, fysieke pijn. Zenuwpijn. Het is niet te stoppen, ik reageer primair, vanuit een oer emotie omdat alle ratio is uitgeschakeld.

Mijn brein kan niet verwerken wat er allemaal gebeurt. Mijn lijf loopt vooruit. Mentaal brokkel ik langzaam af. Ik kom in een wereld van artsen en doctoren en ik kom er langzaam achter hoe deze wereld werkt. De huisarts heeft een centrale rol. Hier moet je altijd heen om je ergens naar toe door te laten verwijzen. Indien de huisarts in de doorverwijzing zijn informatie niet op orde heeft ben je bij voorbaat veroordeeld door de opvolgende arts. Voor alles moet je terug naar de huisarts. Een second opinion is een recht van de patiënt. Als patiënt moet je nooit op de stoel van de dokter gaan zitten, dan vinden ze je betweterig en voelen ze zich in hun ego aangetast. Er is geen arts die je kan overtuigen van het feit dat je gewoon puur fysieke klachten kan hebben. Ondanks dat het wetenschappers zijn is de huidige overtuiging dat alles maar dan ook alles relatie heeft tot de geest. De gevolgen hebben relatie tot de geest, de oorzaak niet altijd. Maar dat zeggen is uit den boze en bijna een vloek.

Mijn lijf vraagt zoveel energie dat er nauwelijks ruimte is om het proces te volgen. Mijn lichaam heeft de regie overgenomen en bepaald wat er gebeurt. Achteraf snap ik pas hoe het werkt. Als het lichaam aandacht vraagt schakelt deze het brein uit omdat het alle energie nodig heeft om te herstellen. De natuur is een wonderlijk iets. Herstellen begint bij de wortel. Ik had alles opgebruikt en dan neemt het lijf het over. Geeft je geen keuze meer. Nu weet ik dat, toen niet. Doordat ik er dwars tegenin ging bleef ik rondjes rennen achter mijn eigen staart aan. Ik weet dat ik de vicieuze cirkel moet doorbreken maar ik weet nog niet hoe. Het is veel. Veel te veel.

Hoe lang was ik eigenlijk al eenzaam? Ondanks dat ik niet aan wilde nemen dat het psychisch zou kunnen zijn zette het me wel aan het denken. Onbewust is er toch een zaadje geplant. Heb ik het nooit willen zien? Hoe lang heb ik mijn ogen gesloten voor mijn pijn. Hoe lang heb ik mijzelf groot groter grootst voorgedaan om alle pijn te verbloemen, verdoezelen. Mijn drang om zo graag iemand te zijn, gezien te worden, geaccepteerd te worden heeft extreme vormen aangenomen. Is mijn ego zo groot of komt dit ergens anders vandaan?

Ik ben zo druk geweest met in sneltreinvaart willen achterhalen wat er aan de hand is dat ik even op adem moet komen. Een paar weken nadat ik bij de Sint Maartenskliniek ben geweest vraag ik de huisarts mij nog 1 keer door te verwijzen. Als dat niks uithaalt hou ik op. Ik ben ervan overtuigd dat ergens mijn pijnen neurologisch zijn maar er mist nog iets in het verhaal. ‘Er is geen aanwijzing voor om dat te doen’, krijg ik meermaals te horen. Ik verdedig mijzelf door steeds weer opnieuw te benoemen welke klachten ik heb en dat er dus wel aanwijzingen voor zijn. Maar de wetenschap is onverbiddelijk. Geen aanwijzing. Punt.

Ik wilde stap voor stap alles nog eens doorlopen. Eerst mijn lichamelijke klachten oplossen, de rest zou later volgen. In stukjes hakken. Met deze motivatie stemt de huisarts toe in een doorverwijzing naar het Radboud. Ik begin langzaam te begrijpen hoe het werkt en ik krijg het gevoel dat ik de huisarts te slim af ben. Dit laat me regelmatig gniffelen.

Al vrij snel kan ik bij neurologie terecht. Als ik voor het eerst binnenkom bij het Radboud ben ik erg zenuwachtig.