ZENUWPIJN.

33. Eerste kusjesdag

Foto door Katie Salerno via Pexels

Zoals ik in hoofdstuk 28 schreef: En toen was jij daar ineens mijn lief. Terwijl ik bij mijn ouders herstelde van mijn laatste herniaoperatie bleef jij ineens mee eten. Een beetje een gekke situatie was het wel. Normaal leer je eerst elkaar kennen en na verloop van tijd stel je iemand voor aan je familie.

Bij ons ging het andersom. Een paar dagen voordat je mee bleef eten dribbelde ik bij Ma zenuwachtig door de woonkamer. Ik vertelde schoorvoetend dat ik al een tijdje contact met ‘iemand’ had. Nieuwsgierig als ze is opperde ze gelijk dat je mee kon eten. En daar zat je dan aan tafel bij ons. Nadat je weg was waren ze beide lyrisch over jou. Ze stelde verder geen vragen.

Uiteraard kende we elkaar al een tijdje voor mijn operatie. Het ging zo geleidelijk dat we geen precieze datum hebben. Maar onze eerste kusjesdag vergeet ik nooit. Als twee pubers stonden we daar. Maar het werd pas echt wat toen ik weer thuis was na mijn herstelverblijf bij Ma.

Heb je een nieuwe vriendin, is ze net geopereerd. De vonken sprongen er in dat opzicht dan nog even niet vanaf. In één keer draaide onze levens een kwartslag om. Ik kwam uit een periode van verdriet, pijn, frustratie, woede, angst en was aan het uithijgen alsof ik een marathon had gelopen. Jij kreeg een vriendin die chronisch ziek is. Wat een begin van een relatie. Onlangs zei ik nog: “Je hebt me op het slechtste moment in mijn leven leren kennen.” Zonder jouw privé op de grote blogtafel te gooien was dat andersom ook zo. Achteraf.

Ondertussen was ik aan het uithuilen. Ik moest overal doorheen, dat is de enige weg naar helen. Ik leerde niet accepteren maar elke keer weer opnieuw aanvaarden. Elke nieuwe slechte periode is weer een uitdaging. En elke goede ook.

Uithuilen is ook beseffen dat je verder moet. Verder met wat er is en ook wat er niet is. Alle positiviteitsgoeroe’s kunnen blijven gillen dat je moet kijken naar wat je wel kan maar als je niet inziet wat je niet kan kom je er gewoon weg niet. Ik zei ooit tegen iemand, juist wij moeten opletten op wat we niet kunnen want 1 x over de grens is weken ellende.

Uithuilen is dus ook een hele scherpe schifting maken in wat alle positieviteitsgoeroe’s zeggen en wat geitenwollensokken aanbieden. Iedereen denkt je te kunnen genezen en op hoeveel situaties niet wordt gezegd: Dan zal je ook wel minder klachten hebben? Zo ben ik bijvoorbeeld verhuisd. De wereld: Dan zal je wel minder klachten hebben. Ja, in mijn hoofd ja. Als iemand een been mist en die gaat verhuizen zeg je toch ook niet: Groeit nu je been weer aan? De stupiditeit is soms bizar. En dat moet je steeds opnieuw uithuilen. De ene keer harder dan de andere keer. Voor de dummies onder ons: Als je je in je kop goed voelt kan je je klachten beter dragen maar de klachten blijven hetzelfde. Pijn is pijn. Ziek is ziek.

Uithuilen is ook humor ontwikkelen. Uithuilen is de waarom vraag leren los te laten. Uithuilen is leren ‘moeten’. We leven in een wereld waarin vaak wordt gezegd: Ik moet niks. Wij moeten van alles: We moeten op onze grenzen letten, op ons eten, op ons lijf en onze geest, op Q-koorts triggers, op valse genezers, op wat ‘goed’ voor ons is en wat niet goed voor ons is, we moeten letten op overbelasting en onderbelasting, we moeten steeds balanceren met een weegschaal en die is met Q-koorts weinig in evenwicht. Jawel, dat gebeurt wel. Dan haal je opgelucht adem en als je dan denkt: ‘Nu ben ik er.’ BAM! Dan ga je toch weer onderuit.

En dat alles moet je dan weer opnieuw uithuilen. Of niet. Want op een gegeven moment komen er ook momenten dat je het neemt zoals het is. En dan ga je door.

Zo ging en gaat het met ons ook mijn lief. We gaan gewoon door. Pas na vijf jaar hebben we nu eindelijk de goede liftdeur gevonden naar de juiste verdieping. En wat genieten we daarvan.