Q-koorts

Q-koorts

Laat ik beginnen met het volgende. Iedereen is anders. Ieder lijf is anders, ieders geest is anders, achtergrond, leefomgeving, gezinssamenstelling, gedachtegang maar vooral hoe we omgaan met Q-koorts.

De een wordt geprezen, de ander met de grond gelijk gemaakt en al wat daar tussen zit. Waarom? Omdat we juist allemaal maar mensen zijn en omdat we mens zijn reageren en voelen we alles op onze eigen unieke manier. En ja, ik heb begrip en in sommige gevallen probeer ik begrip op te brengen voor deze stroom aan verschillende reacties.

Het is geen geheim meer dat ik sport. Voor mijzelf, elke keer dat ik daar met mijn bokshandschoenen sta te zwaaien, een rariteit, want hoe kan dit?

Zoals vele mede Q-koorts patiënten mankeer ik ook meer dan dat. Ik hoef hier gelukkig niet mijn hele medische dossier op tafel te gooien om te bewijzen dat ik echt wel ziek ben maar ik hoef mij zeker niet te verantwoorden. Naar niemand.

Ik zakte af naar een dieptepunt toen ik een rollator aanschafte, iedere ochtend de thuiszorg kwam en mijn kont werd gewassen door een vrouw van mijn leeftijd, ik door mijn moeder in een rolstoel werd geduwd, hele dagen alleen maar op bed lag, geen mens meer zag en ik een proefrondje in een scootmobiel moest rijden omdat mijn mobiliteit weg was. Dat is waar IK vandaan kom. De scheidslijn tussen mijn leven nu en dat is nog  steeds heel dun.

Vanaf die tijd heb ik alleen maar gevochten. Alle psychologen praten over het zogenaamde accepteren van je ziekte maar juist het feit dat ik het niet accepteerde en nooit zal accepteren: daar haal ik mijn vechtlust vandaan.

Oh nee, ik word niet beter en ik heb ook niet de illusie dat ik beter word en ik pretendeer niet dat ik beter, genezen of herstelt ben. Verre van. Heel, heel, heel, heel verre van. Dat ondervind ik in mijn dagelijks leven, elke dag. Er is maar één iemand die dat ziet en dat is mijn vriend. Dat we eten aan tafel en hij ziet mij wegzakken. Om maar eens een voorbeeld te noemen.

Vorig jaar ben ik maandenlang zieker geweest dan ooit. Ik dacht dat ik inmiddels wel mijn leven op de rit had maar ik viel vijf jaar terug in de tijd. Mijn vechtlust kwam weer boven. Dit accepteer ik niet.

Door het sporten kom ik buiten de deur. Ik voel hoe kwetsbaar ik ben wanneer ik merk dat ik te lang niet onder de mensen ben geweest als ik in een groep sport. Door het sporten kan ik mijn woede en frustratie kwijt. En zo nog veel meer. Wil je meer weten, stel me gewoon vragen.

De een gaat naar Dr Kunst, de ander naar een acupuncturist, een helderziende of doet yoga. Weer een ander vecht vanuit gedachten op de bank of in bed omdat er niks meer is (lieve S. ik voel je).

En ik doe dit. Zolang het kan.

En als er niks meer is in je leven en er komt ineens iets voorbij waar je trots op kan zijn dan is dat heel waardevol. Ik heb geen zelfvertrouwen meer maar ook daarin geldt: Door het sporten komt er iets van mens voelen terug. Dat ik er mag zijn.

Gisterenavond mocht ik even een winnaar zijn. Met als grote doel: ONS Q-koorts op de kaart blijven houden!